Uitgebreidere
achtergrondinformatie Oudertraining:
Opstandige kinderen
De meeste kinderen geven hun ouders wel eens een grote
mond. Zich zo nu en dan verzetten tegen ouders is eigen aan
kinderen. Als kinderen echter voortdurend dwars zijn, zich verzetten
tegen volwassenen of als vechten regelmatig voorkomt, dan is er
reden tot zorg. Dan kan er sprake zijn van een
oppositioneel-opstandige gedrgasstoornis.
Oppositioneel-opstandige gedragstoornis
De Engelse term is Oppositional Defiant Disorder, afgekort als ODD.
Kinderen in de schoolleeftijd met ernstige vormen van opstandig en
agressief gedrag worden regelmatig aangemeld voor onderzoek en
behandeling. Zij vormen een zware belasting voor hun omgeving en
worden zelf in hun verdere ontwikkeling ernstig bedreigd. Vooral als
gedragsproblemen zich reeds op jonge leeftijd manifesteren, is er in
de volwassenheid een verhoogde kans op delinquentie,
stemmingsstoornissen, middelenmisbruik en sociaal disfunctioneren op
het werk en in het gezin.
Het ontstaan en het voortduren van deze gedragsstoornis kan het
beste worden begrepen vanuit een wisselwerking van biologische
factoren (zoals erfelijkheid en temperament), psychologische
factoren (problemen met begrijpen van complexe sociale situaties,
minder goed meevoelen) en sociale factoren (tekort aan, of
inconsequente opvoedingsvaardigheden of minder gunstige
vriendenkring).
Behandeling van ODD
Sinds geruime tijd is bekend dat twee gedragstherapeutische methoden
voor de behandeling effectief zijn: de oudertraining in
opvoedingsvaardigheden (Parent Management Training) en de training
in sociale probleemoplossing voor het kind (Social Problem-Solving
Skills Training). Sociale vaardigheidstraining voor kinderen geven
wij reeds vele jaren. Nieuw is het door het UMC op de afdeling
kinderpsychiatrie bewerkte programma uit de Verenigde Staten, dat de
naam ‘Minder Boos en Opstandig’ heeft gekregen. Van dit programma
mag verwacht worden dat de gedragsproblemen van het kind afnemen,
echter zonder dat de symptomen volledig verdwijnen.
Voor wie is de oudertraining
bedoeld?
De training die wij aan ouders geven, bestaat uit 13
ouderbijeenkomsten die in groepsverband plaatsvinden. Het programma
is bedoeld voor ouders van kinderen in de basisschoolleeftijd van 6
tot 12. Het programma is opgezet voor de ouders van kinderen met een
oppositionele gedragsstoornis of een antisociale gedragsstoornis.
Bij deze kinderen komt vaak ook een aandachtstekort/
hyperactiviteitstoornis (ADHD) voor; meestal is dan medicatie tevens
aangewezen. Minder boos en opstandig is ook geschikt voor kinderen
die veel risico lopen om een gedragstoornis te ontwikkelen, maar die
net niet voldoen aan alle criteria.
De methode van de
training vult de opvoedingsvaardigheden van de ouders aan. Ouders
leren bijvoorbeeld adequaat opdrachten te geven. Zij leren
consequent te reageren op gewenst gedrag van hun kind door prijzen
en belonen en consequent te reageren op ongewenst gedrag én door
negeren of toepassen van time-out.
Opbouw van de training
De oudertraining is als volgt opgebouwd. In de eerste bijeenkomst
krijgen ouders uitleg
over opstandige en antisociale gedragstoornissen en wordt uitleg
gegeven over de algemene regels van gedrag. In de twee volgende
bijeenkomsten wordt het opstellen van
huisregels
in de vorm van verwachtingen en verboden en het handhaven daarvan
behandeld. Ook wordt het belang uitgelegd van het op de hoogte zijn
van het doen en laten van het kind. Vervolgens wordt in de vierde
bijeenkomst aandacht besteed aan het
waarnemen van gedrag.
De vijfde bijenkomst gaat over handige manieren van opdrachten
geven. In bijeenkomst 6 leren ouders hun kind te prijzen en
te belonen. Dit wordt niet alleen toegepast bij het uitvoeren
van een opdracht (gehoorzamen) maar ook bij het ophouden van
ongewenst gedrag. Hierna gaan bijeenkomst 7, 8 en 9 over
straffen:
niet reageren, het weghalen van iets leuks en apart zetten. Ook
wordt aandacht besteed aan het omgaan met ongewenst gedrag
buitenshuis. Tenslotte wordt de sociale
probleemoplossingtheorie met betrekking tot gezinsproblemen
geïntroduceerd en de bijbehorende
vijf stappen van probleem oplossen
in bijeenkomsten 10 tot en met 12. De laatste bijeenkomst wordt
besteed aan het creëren van een
positief gezinsklimaat en wordt er
geëvalueerd en afgerond.