|
Achtergrondinformatie ADHD |
||||
|
Oorzaak De oorzaak van ADHD is (nog) niet helemaal duidelijk. Recent onderzoek wijst erop dat bij ADHD sprake is van een neurobiologische stoornis in de hersenen op het niveau van zenuwverbindingen (neurotransmissie). ADHD komt in sommige families vaker voor dan in andere families. Men gaat uit van een erfelijke aanleg die wordt beïnvloed door verschillende omgevingsfactoren. Gevolgen Kinderen met ADHD roepen door hun drukke, chaotische gedrag veel negatieve reacties op uit hun omgeving. Hierdoor zijn ze veel minder dan andere kinderen in staat een positief zelfbeeld op te bouwen. Ouders van deze kinderen krijgen van hun omgeving vaak te horen dat ze hun kind niet goed opvoeden. Vaak zoeken ouders eerste de oorzaak van het afwijkende gedrag bij zichzelf, hoewel ze dikwijls het gevoel hebben dat er iets niet klopt met hun kind. Negatieve spiraal Door de negatieve reacties uit de omgeving liggen eenzaamheid en ontmoediging op de loer, zowel bij het kind als bij de ouders. Soms kunnen ouders en kind of ouders onderling in een negatieve spiraal terechtkomen. Brusjes Broertjes en zusjes van kinderen met ADHD, 'brusjes' in een woord, hebben een aantal speciale problemen. Noodgedwongen krijgen zij veel minder aandacht van hun ouders. Ze merken dat er 'met verschillende maten wordt gemeten'. Bovendien ervaren ze vaker uitgeputte ouders en een negatieve benadering van hun omgeving. Leerkrachten De leerkracht speelt een belangrijke rol in de ontwikkeling van het kind. Juist de leerkracht kan veel steun geven aan het kind met ADHD, waardoor 'eruit komt, wat in het kind zit'. Diagnose bij kinderen en jongeren ADHD is nog niet vast te stellen aan de hand van exacte gegevens. De diagnose wordt gesteld door systematisch verkregen gegevens van ouders, leerkrachten en derden. Belangrijk is dat er altijd meer dan één bron moet zijn. Daarnaast kunnen diverse deskundigen uit de medische en psychologische beroepsgroep inzicht geven in bijkomende problemen. Zo’n 70-80 % van de mensen met ADHD heeft bijkomende problemen. Doorgaans wordt de diagnose door een arts gesteld en vindt er, vooral ook als er medicatie wordt voorgeschreven, een lichamelijk onderzoek plaats. Medicatie bij kinderen en jongeren De meest werkzame en veilige medicijnen voor kinderen vanaf zes jaar en jeugdigen met ADHD zijn methylfenidaat (Ritalin) en dexamfetamine. Op dit moment moeten de medicijnen 3-4 maal daags worden gebruikt. Beide middelen behoren tot de psycho-stimulantia (stimulerende middelen) en vallen dus onder de opiumwet. Niet alle kinderen hebben baat bij Ritalin. Kinderen bij wie het middel niet aanslaat hebben soms wél baat bij dexamfetamine. Sinds april 2003 is een langer werkzame vorm van methylfenidaat (Concerta) op de markt. Meer informatie over dit medicijn vindt in een apart artikel op deze website. Als tweede keuze voor medicatie komen bijvoorbeeld antidepressiva, clonidine en neuroleptica in aanmerking. Maar dit is sterk afhankelijk van de bijkomende problematiek. Voorschrijven bij zeer jonge kinderen Volgens de richtlijnen van de NVVP is het verantwoord dat gespecialiseerde kinderartsen en kinderpsychiaters psycho-stimulantia voorschrijven aan kinderen van 4 en 5 jaar. Soms hebben kinderen al jonger medicatie nodig. In dat geval is verwijzing naar een in ADHD gespecialiseerd academisch kinder- en jeugdpsychiatrisch centrum op zijn plaats. |