|
Onderzoek effectiviteit Fonoco
Binnen Praktijk van Waterschoot wordt bij de behandeling van kinderen met ernstige dyslexie gestart met het programma Fonoco. Dit behandelprogramma richt zich op het verbeteren en automatiseren van de klank-tekenkoppeling door zich te concentreren op de relaties tussen klanken en letters en de herkenning van de Nederlandse klankstructuur. Uit onderzoek is gebleken dat kinderen met dyslexie moeite hebben met het combineren van letters en klanken. Deze kinderen lezen bijvoorbeeld ‘bak’ in plaats van ‘dak’. Ook blijkt dat kleine kinderen zonder aanleg voor dyslexie op het verschil tussen ‘bak’ en ‘dak’ reageren, wanneer deze woorden auditief worden aangeboden. Dit is bij kinderen met aanleg voor dyslexie niet het geval; zij kunnen deze woorden niet van elkaar onderscheiden.
De praktijkervaring van de behandelaars die met Fonoco gewerkt hebben is dat de klank-tekenkoppeling van de kinderen aanzienlijk verbeterd. In eerder kleinschalig onderzoek werden deze verwachtingen gedeeltelijk bevestigd. Zowel internationaal als nationaal onderzoek heeft aangetoond dat programma’s die zich richten op het foneem effectief zijn bij de behandeling van lees- en spellingproblemen.
In huidig onderzoek is bekeken wat het effect van het behandelprogramma Fonoco is op de lees- en spellingprestaties van dyslectische kinderen. Het onderzoek richtte zich op de vraag: vertonen de kinderen die behandeld worden met Fonoco meer vooruitgang op de klank-tekenkoppeling en het woordlezen dan de controlegroep?
Het programma Fonoco
Het behandelprogramma Fonoco richt zich op het verbeteren en automatiseren van een basisproces van lezen en spellen, namelijk de klank-tekenkoppeling ofwel fonologisch coderen. Het programma bestaat uit een klankbord waarop de letters zijn verdeeld in klanken. Deze zijn weer onderverdeeld in verschillende groepen en elke groep heeft zijn eigen kleur: korte klanken (groen), lange klanken (geel), tweetekenklanken (rood), drietekenklanken (roze), viertekenklanken (grijs), medeklinkers (blauw) en stomme klanken (blauwgroen). Wanneer een klank wordt aangeklikt krijgt het kind de klank te horen zoals ze worden uitgesproken in een woord. De letters (visuele beeld) worden hiermee steeds gekoppeld aan de klank (auditief).
Met behulp van Fonoco kan de klank-tekenkoppeling op verschillende manieren worden getraind. De behandelaar biedt allereerst de klanken binnen een groep geïsoleerd of in een woord aan en het kind klikt de goede letter aan. Wanneer dit beheerst wordt kunnen de klankgroepen door elkaar worden aangeboden. Vervolgens kunnen de kinderen woorden gaan vormen; de behandelaar zegt een woord, het kind klikt de klanken aan en hoort ze vervolgens. Een andere mogelijkheid is dat de behandelaar een woord uitspreekt en aan het kind vraagt de zoveelste klank aan te klikken. Aan de hand van Fonoco kunnen ook verschillende schriftelijke oefeningen worden gedaan. Een kind kan woorden en klanken opschrijven waarbij elke klank opgeschreven wordt in zijn eigen kleur en een kind kan met behulp van gekleurde blokjes het woord bouwen.
Conclusie
Uit de resultaten blijkt dat de behandelmethode doeltreffend is. De kinderen uit de experimentele groep gaan significant vooruit op de klank-tekenkoppeling. Aanvankelijk scoren zij bij het lezen lager dan de controlegroep, bestaande uit zwakke lezers en spellers, maar na een behandelperiode van twaalf weken is dit verschil verdwenen. Bij de spelling is te zien dat er bij de voormeting geen verschillen zijn tussen beide groepen, maar dat de kinderen behandeld met Fonoco significant hoger scoren na twaalf behandelingen. De toegepaste klank-tekenkoppeling bij het lezen verbetert met drie maanden en bij de spelling gaan de kinderen gemiddeld vijf maanden vooruit. De kinderen zijn dus beter in staat om bij het lezen de afzonderlijke letters in woorden te herkennen en om bij de spelling de klanken aan een letter te verbinden. Ook bij het lezen van woorden is er een significante vooruitgang te zien van gemiddeld twee tot drie maanden. Voorafgaand aan de behandeling is het niveau van de controlegroep hoger, maar ook hier verdwijnen de verschillen na drie maanden. Het trainen van de klank-tekenkoppeling lijkt dus effect te hebben op het lezen. Geconcludeerd kan worden dat kinderen die behandeld worden met Fonoco op alle gebieden significant vooruitgaan en dat hun prestaties ten opzichte van de controlegroep verbeteren.
|